Niet te gortig Voetbal is er bij velen met de paplepel ingegoten. Veel HaDeejers kijken dan ook uit naar het WK in Amerika. De kans is natuurlijk groot dat Nederland weer snel kan inpakken. Maar geen nood, want in HaDee wordt op 20 juni een echt belangrijk toernooi gehouden: het Nederlands Kampioenschap Haverpap Koken. Hier wordt niet tegen een bal getrapt om te scoren, maar met een lepel tegen klonten gestreden. Water, haver en zout, dat is de essentie. Niks geen ‘naar links, naar rechts’, maar doorroeren. Alleen rechtsom, echt waar, want linksom roeren wordt gezien als heiligschennis en leidt tot diskwalificatie. U kunt er gewoon bij zijn. Voor de prijs hoeft u het niet te laten. Waar een kaartje voor de eerste wedstrijd van Nederland al gauw 600 euro kost, kunt u bij De Halm, voor pakweg 600 euro minder, aanschouwen hoe het kaf van het koren wordt gescheiden. Geen VAR of buitenspeldiscussies, maar wel een eindeloos debat over viscositeit, want dunne pap maakt geen dikke vrienden. Ben je ook een papkindje, kom dan kijken naar de verhitte(nde) ontroerde deelnemers. Voor hen is het geen spelletje, maar een kwestie van eer en volharding. Het gaat om goed nathouden en af en toe een korreltje zout nemen. Verwacht niet dat je krenten uit de pap kunt komen vissen, want die zijn er niet. Je kunt wel proeven tot je er beroerd van wordt. En, wie er geen pap van lust, blijft gewoon thuis, bij moeders pappot. Gegroet, Harrie Droesen COLUMN Harrie HOE HET BEGON Hoe is die toepclub eigenlijk ontstaan? Vijftien jaar geleden, toen ze nog samen naar het Zwijsen College fietsten, ontstond het idee. “Laten we gaan toepen.” Zo gezegd, zo gedaan. Van een keer toepen, naar regelmatig toepen, naar dagelijkse kost; er was geen houden aan! Ze hebben zelfs een eigen jargon ontwikkeld. Toetsweken waren ideaal voor de club; in de ochtend tentamens maken, in de middag samen toepen. Dat leren kwam dan wel weer in de avond. En dat bleek een prima strategie, want alle vier hebben een diploma op zak. GELUK EN STRATEGIE Toepen is een kaartspel met 32 kaarten. Elke speler krijgt vier kaarten en moet kleur bekennen; wie de hoogste kaart speelt, wint de slag. De laatste slag is allesbepalend, want die wint de ronde. Een toep gooien betekent dat je vier dezelfde kaarten in handen hebt en automatisch die ronde wint. “Wij spelen ‘pottoepen’ waarbij je de pot kan vragen indien je goede kaarten hebt. Bij verlies moet je betalen. Het is een spel van zowel geluk als strategie.” DE WINST Fiches worden gebruikt als inleg, maar de waarde van die fiches kan per avond verschillen. Soms wordt pas na de avond met de dobbelsteen gegooid om te bepalen hoeveel een fiche waard is. Wanneer de fiches op zijn, komen er objecten op tafel, bijvoorbeeld een rol duct tape die dan 50 fiches waard is. Wat de heren met de winst doen? “Vroeger kochten we er een ijsje van, maar tegenwoordig zetten we het opzij voor een etentje of activiteit. Een paar jaar geleden zijn we zelfs naar Thailand op vakantie geweest van het zuurverdiende toepgeld. Dat gebeurt niet zomaar, daar gaan veel toepavonden aan vooraf. Er staat nog niets nieuws op de planning, het volgende uitje moet nog verdiend worden.” ‘OPPERTOEPER’ Is er een ‘oppertoeper’ binnen de groep? “Nee, dat niet. Toepen kunnen we allemaal, maar ieder heeft zijn eigen kwaliteiten. De een is de stabiele factor, de ander heeft wat vaker pech. De een is een opportunist en neemt wat meer risico, terwijl de ander een kwartier depressief naar z’n kaarten kijkt.” TOEKOMST Hoe de toekomst eruit ziet? “Rood- en zwartkleurig”, roept een van de mannen lachend. “Toepen tot we erbij neervallen”, zegt de ander. Het valt niet te ontkennen dat de liefde voor het spel nog steeds zo sterk is als vijftien jaar geleden. ‘Advies aan de jeugd: minder schermtijd, meer toepen’ D’N HADEEJER - 33
RkJQdWJsaXNoZXIy MzM5NTg2Ng==