D'n HaDeejer mei 2026

“De terugkeer van de bever is een waar succesverhaal”, steekt Wiet enthousiast van wal. “De bever was hier uitgeroeid en is bijna 40 jaar geleden weer geïntroduceerd, in de Biesbosch. Die eerste bevers kwamen dus niet uit Nederland. Maar het is van oorsprong wel een inheems dier, dat thuishoort in de Nederlandse natuur.” “Het gaat heel goed met de bevers. Dat komt mede door de Nederlandse en Europese wetgeving die zorgen dat de bever goed beschermd is. Niet alleen het dier, maar ook zijn directe leefomgeving valt daaronder.” 50-100 bevers in HaDee De bever heeft zich ondertussen verspreid naar alle natte delen van ons land. De landelijke schatting is 5.000-7.000 dieren, maar Wiet denkt dat het er misschien wel twee keer zoveel zijn. “Het Aa en Maas gebied, zeg maar midden- en oostBrabant (red.), schat ik op zeker 1.000 bevers. Ze doen het hier heel goed. Ook in HaDee wonen minstens 50-100 bevers. Er zijn holen en burchten in het Aa-dal en ook in de Leijgraaf.” Grote nachtdieren “Die grote aantallen verwachten mensen niet, omdat ze zelden een bever zien. Dat komt, omdat de dieren overdag slapen en pas tegen de schemering tevoorschijn komen. Dan zijn ze overigens nauwelijks te missen. Volwassen bevers worden met staart zo’n 100-120 cm en wegen 30-40 kilo. Dat is vergelijkbaar met een flinke hond. Ze zijn ook totaal niet schuw. Op YouTube staan diverse filmpjes van bevers die zich zonder angst in de bebouwde omgeving begeven.” Dammen Bevers staan natuurlijk bekend om de dammen die ze bouwen. Wiet: “Ze gebruiken stapels grote en kleine takken om hun hol te beschermen. De ingang van dat hol is altijd onder water, voor de veiligheid. Ze graven een gang naar een hogere, droge plek, waar ze slapen en hun jongen groot brengen. Als het water te laag staat voor een onderwateringang, bouwen ze een dam, zodat het peil stijgt. Voor hun burcht bedekken bevers soms de bovenkant van hun hol met een enorme bos takken, die ze verstevigen met modder.” Plantenetend waterdier “Bevers zijn helemaal gebouwd als waterdier”, legt Wiet uit. “Hun pels is waterdicht, omdat ze zichzelf insmeren met een speciaal soort waterafstotend vet dat ze afscheiden. Hun achterpoten hebben zwemvliezen en de grote platte staart dient als roer. Bevers eten planten en die verzamelen ze langs de waterkant: in de zomer kruiden en bloemen en het hele jaar door takjes en twijgen van bomen en struiken. Bomen worden zo omgeknaagd dat ze in het water vallen en de bevers makkelijker bij het sappige groen van bijvoorbeeld wilg en berk kunnen. Om de winter door te komen, leggen ze een flinke voorraad aan. ” Overlast “Een bever is een zeer actieve gangengraver en dan moet je denken aan 0,8 meter doorsnee”, geeft Wiet aan. “Zulke gangen kunnen leiden tot serieuze verzakkingen van wegen, paden, oevers en dijken. De dammen kunnen het waterpeil stroomopwaarts laten stijgen waardoor land te nat wordt of zelfs overstroowmt. Een bever bijt probleemloos door een hardhouten wand in het water als hij heeft bedacht dat jouw terras het perfecte dak voor zijn hol vormt. Net als wij, bouwen bevers hun eigen leefomgeving en houden ze geen rekening met andere soorten.” ‘Net als wij, bouwen bevers hun eigen leefomgeving en houden ze geen rekening met andere soorten’ TEKST Nandus van der Sluijs FOTOGRAFIE Ronald van Hastenberg en aangeleverd VORMGEVING Juul van den Heuvel Wiens probleem…? “Mensen bellen vaak het waterschap bij beveroverlast”, zegt Wiet. “Wij kunnen echter weinig doen, want de bever is niet van ons. Bovendien moeten in Nederland perceeleigenaren hun eigen problemen oplossen. Door hun beschermde staat mogen bevers niet verwijderd worden en dat geldt ook voor hun burcht. Voor je tuin of akker zijn zonder ontheffing alleen preventieve maatregelen mogelijk. Alleen bij onveiligheid of onacceptabele kosten kan een ecologisch adviseur wellicht een oplossing aandragen. Meer informatie staat op kenniscentrumbever.nl.” D’N HADEEJER - 21

RkJQdWJsaXNoZXIy MzM5NTg2Ng==